Shetlands 2016


Een tocht naar de Shetlands en Noorwegen.

.

Idee : 

We gaan een driehoek op de Noordzee zeilen, een beetje zoals de Driehoek Noordzee Challenge, maar dan met uitgebreidere bezoekjes aan de Shetlands resp. Noorwegen !!  De lange-overtocht-liefhebbers van ons 28 jaar bestaand zeilvriendengroepje waren enthousiast.  De kinderen, ondertussen flinke twintigers, en aantal zeilende vrienden van hun zagen dat ook wel zitten.  Daarmee was het startschot gegeven voor deze zeiltrip.  We hadden eerder al eens naar Zuid-Noorwegen gezeild, naar de Orkneys, Schotse Oostkust.   Dit was nog een stapje verder.  Voor deze tocht hadden we meer tijd nodig en buiten Luc en ondergetekende (en tevens schipper van de bende) hadden de meesten geen tijd of zin om al hun verlofdagen aan het zeilen te spenderen.  Vandaar het idee van de tocht in twee te splitsen.  Eén deel van de bemanning zeilt naar de Shetlands en doen daar een paar tochtjes - we steken over naar Noorwegen - in Bergen doen we bemanningswissel - zeilend bezoekje aan de Fjorden - terug naar Monnickendam.  De duur van de tocht wordt begroot op 23 dagen.  Van 7 t.e.m. 29 mei met bemanningswissel in Bergen op 18/05.  2 man zullen de volledige tocht doen, Luc en ondergetekende.  Gaan mee tot in Bergen :  Tom (jongste zoon van de schipper), Serge, René, een Zwitserse vriend van Luc die voor zijn vaarbrevet nog mijlen op open water moest maken inclusief nachtelijke tochten.  Vanaf Bergen : Rik en Bruno, zeilvrienden, Robbe en Han, resp. oudste zoon en een vriend van hem.

Nadeel : we zitten midden in de tocht met een deadline.  Voordeel : we kunnen onze horizon verleggen.

Voorbereiding :

Onze tochten doen we altijd met gehuurde schepen.  Dit maal viel onze keuze op een X-40 van Waterland-yachtcharter, het leek ons een snel en toch comfortabel schip.  Om dat het de eerste keer is dat ik bij dit bedrijf huurde ben ik in januari al eens gaan kennismaken en het schip gaan bekijken, het gaat tenslotte om een flinke tocht.  Dit is uitstekend verlopen.  De verhuurder van zijn kant heeft mijn zeilcurriculum opgevraagd, alsook gecheckt of ik over een ICC, VHF- en  SRC-certificaat beschik.  Dat was allemaal up-to-date en we krijgen groen licht om met de boot de geplande tocht te maken.  De verhuurder heeft op onze vraag een stormfok en trysail laten maken.  We konden we eveneens beschikken over een gennaker.  Samen met een gekeurd reddingvlot en een bijboot met buitenboordmotortje maakte dit onze uitrusting vrij compleet.   De boot heeft geen Epirb, daarom heb ik een PLB (Kannad marine) aangeschaft, en bij de registratie van het baken op de website van Cospas-sarsat vermeld dat we met 5 personen aan het zeilen zijn tussen Nederland, de Shetlands en Noorwegen.   Een laptop met WIFI- en 4G-stick moet ons in staat stellen op tijd en stond weerkaartjes en gribfiles binnen te halen.  Gezien de overtochten die we maken maximum een dag of drie-vier duren is dat voldoende.

Voor de navigatie hadden we de beschikking over een kaartplotter, VHF, AIS.  Zelf heb ik een Magellan marine hand-held GPS. Daarin zet ik op voorhand de route uit.  De papieren kaarten hebben we zelf aangekocht, om de tocht op voorhand fatsoenlijk te kunnen voorbereiden. Die Shetlands blijken wel mee te vallen : qua getijverschillen en bijhorende stromingen komen we niet de exuberante waarden tegen die we eerder op de Orkneys of de Kanaaleilanden tegenkwamen, idem dito voor Noorwegen.  Wat hebben we nog nodig : flink wat warme kleren en ondergoed, goed zeilpak en voor iedereen een paar te grote rubber handschoenen die we over onze andere handschoenen kunnen doen igv koude wind en regen. 

Onze driehoek Noordzee !!

Monnickendam - Shetlands : 

Vrijdagavond 06/05 schepen we in.  We hebben afgesproken om 16 uur maar op 15 uur zijn we al present, bij gebrek aan file :-).  Bij de verhuurder staat de koffie reeds klaar en is alles wat we gevraagd hebben aan boord gebracht.  Wat een verschil met Franse verhuurders !!  Alles nakijken, checklijst signeren - klaar !!  Ondertussen zijn 3 van de 5 bemanningsleden naar de supermarkt om ons te voorzien van eten en drinken voor 4-5 dagen.  Alles word aan boord gebracht en na een restaurantbezoekje vertrekken we, bedoeling is om deze avond nog aan de Zeesluis van IJmuiden te geraken maar de draaiuren van Schellingwoudebrug steken daar een stokje voor.

Uiteindeljk varen we zaterdag 07/05 om 13 uur IJmuiden buiten, wat door iedereen word ervaren als het “echte vertrek”.  De eerste dagen verlopen zoals gedroomd : wind uit het O-Z-O tussen 2 en 4 BF, we varen bijna continu onder gennaker, op een paar korte windstille periodes na. Op 9 mei krijgen we bezoek van een motorboot : of we weten dat we ver genoeg van de boorplatformen moeten blijven ??  Dat weten we - motorboot terug weg.  Even een positie uitgezet - we waren (nog) niet te dicht bij.  Een beetje verstrooid door dit bezoekje maakt de stuurman een foutje en draait de gennaker rond het voorstag.  Hij komt vrij snel los, maar de val lost.  René wordt in de mast gehesen en kan het val te pakken krijgen, gennaker terug omhoog en verder. We merken tevens dat de onderlijkstrekker wat te slap staat maar we krijgen hem niet meer aangetrokken.  We laten het grootzeil wat zakken en trekken zo goed als het kan het onderlijk met de hand aan en binden het vast rond de giek en fixerende bindsel naar achter toe zodat het onderlijk niet terug te los komt te staan.

Door de stabiele backstagwind is het ook mogelijk van uitgebreid te koken aan boord, het word dus ook culinair een hoogstaande tocht, met dank aan zowat alle bemanningsleden.  Dit draagt natuurlijk bij aan de uitstekende sfeer aan boord.

De 10de mei om 10H00, met de Shetlands in zicht draait de wind van ZO naar O naar NO en trekt aan tot 6 BF.  Twee reven erin, fok flink opgerold en iedereen een extra laag kleren aan.  We meren om 16 uur af in Scalloway, de oude hoofdstad van de Shetlands, gelegen aan de westkant.  De X-40 is fantastisch - we leggen 539 NM af in 75 uur, dat is 7 knoop gemiddeld en dat met periodes van windstilte ertussen !!  

 

Op de Shetlands :

De de eerste dag op de eilanden is een  recupdag.  Na een full English breakfast peuteren we het blokje van de onderlijkstrekker uit de giek, dit blijkt gegrippeerd te zijn.  We nemen de bus naar Lerwick, de huidige hoofdstad. Daar doen we onze inkopen voor de volgende dagen en kopen we een nieuw blokje voor de onderlijkstrekker.  Het is een verzorgd stadje, net als Scalloway.  Je merkt dat de mensen hier goed hun brood verdienen - velen werken in de offshore industrie of in de zalmkwekerijen, allebei goed verdienende sectoren.  

De volgende dag 12/05 varen we naar Papa Stour, een nauwelijks bewoond eiland, vooral gekend bij vogelspotters.  Er is een kleine landingsbaan en een aanlegsteiger voor een overzetbootje.  We kiezen om voor anker te gaan in Hamna Voe, een inham aan de zuidkant van het eiland, omdat de weerkaarten en gribfiles aangeven dat de noordelijke winden blijven doorstaan.  We moet over een drempel : zeer voorzichtig op motor en met een blik op de dieptemeter zoeken we een doorgang. Even later plonst ons anker in het water en is het borrel- en kooktijd.   Luc, Tom en ik blazen alvast ons bijbootje op en maken een korte wandeling rond onze ankerbaai.  Het waait flink, ankeralarm staat op.  De dag erop gaan we met vier een dag wandelen op langs de kust van Papa Stour, René blijft aan boord.  Hij prefereert het om eens een dagje alleen te zijn en zijn boek uit te lezen.  De kustlijn is indrukwekkend in zijn ruwheid.  De enigste levende wezens die we hier zien zijn schapen en vogels.  We vinden holen van papegaaiduikers die iets later op het seizoen komen broeden.  Kuifaalscholvers en drieteenmeeuwen zijn al wel voor nakomelingen aan het zorgen.  Tegen dat we terugkomen heeft René lekker gekookt.

14/05 om 07 uur lichten we het anker.  Het is dan al lang licht.   In dit seizoen gaat de zon hier ongeveer een uur later onder en komt een uur vroeger op dan bij ons, dit geeft heerlijk lange dagen. De tocht loopt noordelijk om via de Yell Sound naar Symbister op Whalsay.  We hebben te maken met een flink koude noordwestenwind, onze rubber handschoenen komen van pas.  We moeten één klap maken om Esha Ness te ronden, het meest westelijke punt van Mainland.  Daarna raken we in één lang snel rak boven the Ramna Stacks.    Om 13H30 is het zover, Tom is ondertussen verkleumd en Serge is zeeziek.  We verleggen we onze koers en kruisen voor de wind Yell Sound af.  Beiden recupereren snel.   Om 18H00 meren we af in Symbister, een vissershaventje.  Volgens de nautical almanak is het een marina, maar dat begrip is hier ruim geïnterpreteerd, vinden wij.   Er wonen op Whalsay een duizendtal mensen, er is een café, een zwembad met sauna, dat helaas al dicht is, er zijn winkels en nieuwsgierige inwoners, die gezellig een praatje komen maken.  We gaan eten in het plaatselijk Chinees restaurant en pinten pakken in het bijhorend café.  Het wordt redelijk laat en de cafébaas brengt ons met zijn busje naar de boot.

15/05 : onze laatste dag op de Shetlands wordt een recup- en wandeldag.  Leuk eiland, niet zo spectaculair als Papa Stour, maar toch.  Veel meer bewoond - duidelijk welvarend - voor het haventje liggen een viertal zalmfarms.  De vis brengt hier goed op.  

We monteren ook het nieuwe blokje in de onderlijkstrekker, die nu weer op een normale manier kan bediend worden.

Wat verder is een visser grote geweven polyethyleen zakken aan het lossen.  Nieuwsgierig als we zijn gaan we eens kijken, het blijken zakken met St-Jacobschelpen te zijn, die in bakken met zeewater worden bewaard voor ze ter plaatse verder verwerkt worden.  “Do you want some ?” Yes !! We krijgen een boodschappentas vol, plus acht roggevleugels en een zeeduivel !!  We mogen niet betalen maar de 12 belgische biertjes die we hem aanbieden worden in dank aanvaard. Een vissers mag zelf niks verkopen op de kade, aldus de man, dat de havenmeester er ondertussen bij was gaan staat heeft er misschien wel iets mee te maken. We kunnen dus met een ruime voorraad verse vis en schelpdieren onze tocht verder zetten.

Naar Noorwegen :

16/05 - 09H00 : tijd om naar Noorwegen te vertrekken !!  We varen pal oost met een zeer slap westenwindje, we proberen eerst wat af te kruisen voor de wind, maar ook dat gaat niet, we krijgen onze gennaker niet vol.   Op motor dan maar.  Om 11 uur trekt de wind iets aan en kunnen we met volledig grootzeil en gennaker de vaart erin houden tot middernacht.  Wind weg en regen tot drie uur.   Dan begint het te waaien uit het NO, 3-4 BF, zoals voorspeld door de weerkaartjes en de gribfiles.  We steken het eerste rif erin en zeilen mooi aan de wind tot aan de Noorse kust. Tussen Rongoyna en Toftoyna zeilen we de Heltefjord binnen.  Als we die zuidwaarts volgen komen we als vanzelf in Bergen.  In Vagen, de jachthaven in Bergen ligt het stampvol - het is nationale feestdag inclusief foor en feesttenten.  We zeilen door naar Nyhavn, een half verlaten, wat vervallen jachthaventje, maar we liggen er rustig.  We krijgen bezoek van Robbe, mijn zoon, die al 10 dagen op rondreis is in Bergen en omstreken met zijn vriendin.  Morgen is Vagen terug leeg, beweert hij, veel Noren uit de omgeving zijn  vandaag komen vieren in Bergen en varen morgenvroeg, als de kater wat weg is, terug naar huis.  En inderdaad,  wij varen om 10 uur Vagen binnen, en zien een massa plezierboten alle richtingen uit varen.  We meren af op het mooiste stekje, midden in de oude haven van Bergen.  We zijn de 18de ’s morgens.  Deadline gehaald !!  Er staan 859 zeemijl op de teller.

Bemanningswissel :

In de namiddag melden de bemanningsleden van de tweede etappe zich aan.  Het wordt gezellig en we gaan met zijn allen eten in Bergen, in een hardrock-hamburger-restaurant.  Te betalen én je krijgt er goede grote hamburgers, veel frieten én grote pinten bier, waar wij als echte Belgen niet vies van zijn.   Het wordt één nachtje krap op onze X-40.

19/05 : na een uitgebreid ontbijt nemen we afscheid van de Shetland bemanning, ook Luc gaat naar huis. Hij is tijdens het aan de windse rak naar the Ramna Stacks van het trapje gedonderd en heeft zijn ribben flink gekneusd en ziet zich geen 10 dagen meer meezeilen.  

We vertrekken met vier, Robbe en Han, Rik en ondergetekende.  Na de inkopen gooien we los en zeilen met een matig ZW-windje naar Hjellestad, zo’n 23 mijl zuidwaarts.  Het is een kleine marina gelegen vlakbij   de luchthaven van Goteborg.  Daar zullen we onze 5de man oppikken, Bruno, die door werkomstandigheden pas op 19/05 kon arriveren.

We maken in de praktijk voor het eerst kennis met de vaaromstandigheden : overal rotsen, tot vlak ernaast dieptes tot +100 m, luwtes en windschiftingen door de grillige geografie in de fjorden, weinig tot geen getijstromen en hoogteverschillen.  We lopen zeer lichte averij op door foute inschatting van de schipper tijdens het aanleggen - een stukje gelcoat eraf.  We plakken het af met tape tegen het inwateren.

We gaan flink aan de borrel om Bruno te verwelkomen en bekopen dat ’s anderendaags met een onfris gevoel des ochtends.  

De Noorse Fjorden 

20/05 om 14 uur varen we af in de plassende regen.  We zeilen door Fanafjorden - Lysefjorden - Langenuen (de regen stopt) - Selbjornfjorden (wind stopt er ook mee) - Nyleia - Stokksund naar Sagvag.    Nyleia is een nauw vaarwater maar sprookjesachtig mooi - ondanks de overvloedige regen die we terug over ons krijgen staan we buiten met zijn allen naar het landschap te kijken.   Om 21 uur meren we af in Sagvag, we liggen er alleen, douche (één) en WC bevinden zich in huis bij de havenmeester (vr) en kunnen gebruikt worden voor een bescheiden bijdrage en na afspraak - ook een havenmeester is soms niet thuis.  

21/05 : ontbijten en verkenning van de omgeving - te voet en met ons rubberbootje.  Om 15H00 zetten we koers naar Leirvik, daar kunnen we diesel tanken.  Van daaruit kruisen we op door de Klosterfjorden en Sundnesssundet naar Klubben, een ankerplekje op de oostpunt van Halsnoya. Een electriciteitskabel aan de west-kant en een naar onze zin te tricky toegang aan de oost-kant doet ons van gedacht veranderen.  We varen een paar mijl terug een leggen aan in Stolsvik, zuidkant van Halsnoya aan een verlaten steiger annex een verlaten vakantiehuisje.  Het is er schilderachtig, door de mist lijkt het een stek uit een Noors trollensprookje.  De ochtend erop krijgen we vliegend bezoek - een drone komt ons even bespieden.  Het ding ergert ons wel, het maakt veel lawaai en dat zijn we niet meer gewend.  Bruno, Rik en ik maken een wandeling in de plassende regen. Robbe en Han fabriceren een krabbenfuik en vangen er nog drie krabjes mee, die worden teruggezet.  Om 15H30 hebben we het gezien en we zeilen naar Akrafjorden.  de fjord word smaller en is omringd met hoge bergen. De wind waait in de langsrichting van de fjord, in dit geval met ons mee, maar is zeer grillig en onbetrouwbaar.  Vergelijkbaar met wind in een straat met hoge bebouwing en hier en daar een zijstraat.  Op motor dus tot in Piravik, helemaal op het einde van de Fjord.  Het is een kleine marina, bedoeld voor motorbootjes, we vinden toch een steiger die lang genoeg is om onze reuzegrote boot (zo lijkt hij hier toch) aan vast te leggen. Gelukkig maar, om te ankeren zouden we een 80-tal meter ankerketting nodig gehad hebben, gerekend aan 2,5 maal de diepte.  Het is een kleine nederzetting waar ze een grote fabriek aan het bouwen zijn, om kleine zalmpjes te laten wennen aan zeewater voor ze in de zalmnetten worden uitgezet.  Ook hier is zalmkwekerij big business.  Binnen een aantal jaar zal het hier gedaan zijn met de rust, vrezen we.  Na een mooie wandeling rond een nabijgelegen meer, waar ook een camping en mobilhome parking ligt varen we op motor naar Akra in het begin van de Akrafjord.  Achteraf zijn we het unaniem eens dat dit het mooiste plekje is dat we aangedaan hebben.  We liggen in een postkaart, zonder afbreuk te willen doen aan de schoonheid van de andere plekken.   We doen een uitstapje met ons bijbootje en genieten gewoon van het uitzicht.  Han duikt voor een weddenschap in het water, maar is er bijna even snel terug uit.  Toch wat koud, blijkbaar.  

24/05 gaan we op weg naar onze laatste bestemming in Noorwegen - we moeten er inkopen kunnen doen, water en diesel tanken en douchen voor we huiswaarts zeilen.  Onze keuze valt op Espevaer - een eilandje voor de Noorse kust - er woont maar 120 man, maar het is in de zomer een trekpleister voor zeilers en er staan een boel vakantiehuisjes - vandaar dat er alles voor handen is.  Skanevik- en Bomlafjord zijn flink breed, er staat een stevige NW-wind en we gaan er flink van door.  Tegen dat we aan Espevaer zijn waait het 7 BF, nog altijd uit het NW. We kiezen dus de ZO-toegang tot het haventje dat mooi beschut ligt tegen de NW-wind.  We kunnen in bijna volledige luwte afmeren.  Het is 20H00.

Espevaer en voorbereiding terugtocht.

De dag erop  bereiden we onze terugtocht voor.  Boodschappen, tanken, weervoorspellingen bekijken en een uitgebreide verkenning van het eilandje, te voet en per rubberbootje.    Er zou een cafeetje zijn op het eilandje. 

 ’s Avonds we gaan op zoek en komen inderdaad iets tegen dat ons een café lijkt, er staan tafels, stoelen, er is een bar met tap en een rek met flessen sterke drank.  We gaan binnen en vragen iets te drinken aan de vier Noren die er zitten te praten.  Een van de mannen legt uit dat wij eigenlijk niet in een café zitten, maar bij hem thuis, maar dat we wel iets kunnen drinken.  We krijgen elk een halve liter bier en een schnaps.  De man vertelt ons over de zalmfabriek in Piravik, over zijn leven in de offshore-industrie en de plaatselijke toeristentoevloed in de zomer.  Ook dat er nog steeds gestroopt wordt op kleine walvissen en orka’s.  Het is bij de Noren uit de steden in de buurt een zeer gewild vakantieplekje.  Ondertussen zijn we aan onze derde halve liter annex schnaps bezig.  We gaan naar huis en vragen de rekening.  Nee, we moeten niet betalen en krijgen zelfs nog een zak diepgevroren garnalen mee en krabbenfuiken.  Han en Robbe vangen er drie grote krabben mee die worden verwerkt tot krabsalade !!  In de namiddag komt onze cafébaas zijn fuiken terug halen, zoals afgesproken.  Rare jongens, die Noren en die Shetlanders !!  

Terug naar Monnickendam !

Niemand heeft eigenlijk zin om te vertrekken maar onze tijd zit erop : we vertrekken 25/05 om middernacht.   De voorspelde lichte wind komt er niet, op motor dus.  Op 26/05 om 20 uur is er nog steeds geen wind, maar met onze diesel geraken we niet tot in Nederland.   We besluiten voor de zekerheid naar Thyboron in Denemarken te motoren om bij te tanken.  We balen.  Af en toe komt er toch wat wind opzetten en we kunnen een deel van het traject zeilen.  We zijn op 27/05 om 20 uur in Denemarken.De kaartautomaat van het tankstation in Thyboron doet het niet.  We vinden twee jonge macho-vissers met een gepimpte BMW 520 stationwagen bereid om samen met iemand van ons ergens een vat van 80 liter met diesel te gaan vullen en dat over te hevelen in de boot.  Een andere vriendelijke visser neemt Bruno met de wagen mee naar een supermarkt die tot laat open is om wat extra inkopen te doen.  Om middernacht zijn we met alles rond en vertrekken we.  Periodes met wind wisselen af met windstiltes, we zeilen zoveel mogelijk.  Een van de keren dat we de gennaker inhalen komt er een scheur in.  We weten dat er zeiltape aan boord is en plakken de scheur zorgvuldig dicht.  We zullen dit zeil echter niet meer nodig hebben. 29/05 om 04H00 trekt de wind aan en we zeilen met 5 BF uit het NO keihard richting IJmuiden.  We hebben nog een prachtige zeildag, waarvan iedereen met volle teugen geniet !  Om 22H00 passeren we de Sluis en motoren naar de Oranjesluizen.  De Schellingwoudebrug draait pas op 30/05 om 10H00.

Op 30/05 om 14H00 leveren we onze X-40 af bij Waterland-yachtcharter, we zouden hem echter liever mee naar huis nemen.  Heel de bemanning is het erover eens dat dit met vlag en wimpel het beste schip is dat we ooit hebben gehuurd.  Of we de extra dag moeten bijbetalen ??  “Nee, over 20 uur te laat op een tocht van dik drie weken gaan we niet moeilijk doen”.  Een vriendelijk einde van een geweldige, met momenten bewogen tocht.  We hebben in totaal 1645 NM gezeild.

Dirk Simons